Vlammen zonder op te branden

Uit mijn eigen praktijk weet ik dat mensen met ‘heilig vuur’ de grootste kans maken op een burn-out. Wanneer je onderuit gaat op je passie, hou je immers niets over. Uit de markt hoor ik anderen juist aansporen om te sturen op bevlogenheid van medewerkers. Dat kan niet anders dan mislopen, zou je denken. Of is er een gulden middenweg: kun je ook vlammen zonder op te branden?

Ziel en zaligheid

Ze werken in de zorg, het onderwijs en in het publieke domein. En ik zie het ook bij kleine ondernemers. Mensen die hun werk als een roeping zien; een boodschap hebben, iets bewegen willen, wat willen betekenen voor een ander. Ziel en zaligheid stoppen ze in hun werk. Waar anderen al opgegeven zouden hebben, gaan zij door. Het lijkt zelfs alsof tegenslag hen alleen maar meer motiveert om door te gaan. En dat laatste is precies wat er aan de hand is: ze halen energie uit de manier waarop ze hun werk doen. Werkplezier is het resultaat als werken minder energie kost dan het oplevert. Lol in je werk, dat is kicken. Bevlogenheid is het toverwoord.

Leeggelopen

Maar dat geldt niet voor iedereen. Wanneer de balans naar de andere kant doorslaat, als werken energie kost, komt daar naar verloop van tijd een eind aan. En ben je niet in staat dat te keren, door bijvoorbeeld een andere job te kiezen, dan loop je leeg in je baan. Wie langdurig inteert op z’n energie, raakt overspannen en loopt het risico van een burn-out.

Omdat de kosten daarvan veelal bij werkgever terecht raken, pleiten Schaufeli en Dijkstra (“bevlogen aan het werk”, uitgeverij Thema) ervoor op bevlogenheid te sturen. Zij adviseren:

  • Zorg voor een optimale fit tussen talenten, ambities en de werkzaamheden.
  • Stimuleer een open dialoog tussen leidinggevende en medewerker.
  • Investeer in leiderschap dat zich richt op de behoeften en ontwikkeling.
  • Benut de talenten en passies van uw mensen.
  • Zorg voor een sfeer waarin mensen elkaar steunen en respecteren.
  • Geef feedback en deel ook schouderklopjes uit.
  • Zorg voor betekenisvol werk met ruimte voor eigen inbreng.
  • Werk aan vertrouwen, wees consequent, open en rechtvaardig.
  • Zorg dat het werk uitdagend blijft, ook in de toekomst.
  • Meet (en weet) welke factoren bevlogenheid in úw organisatie verklaren.

Wiens pakkie-an

Het positieve aan deze handvatten is dat het, in termen van de beloningsstrategie, gaat om satisfiers. Anders dan bijvoorbeeld geld leveren deze factoren in het werk wel degelijk plezier op. Maar het zijn stuk voor stuk extern motiverende factoren; het feit dat de werkgever ermee bezig moet zijn, zegt al genoeg. In het meest positieve geval ontstaat er inderdaad een positieve, energie-gevende omgeving. Maar bevlogenheid gaat over vuur dat van binnen brandt, over intrinsieke motivatie. Je kunt aan de buitenkant zo hard blazen als je wilt, als er binnen geen vonkje (meer) is, blijft er voor de werkgever niets te doen. Een burn-out is geen lekke band, die je voorkomt door het fietspad te stofzuigen.

Drie basisbehoeften

Inspiratie, bezieling, heilig vuur: dat is waaruit werkelijke motivatie blijkt. Zowel voor jezelf als voor anderen is dat zichtbaar, voelbaar. Je echte, intrinsieke motivatie komt van binnenuit: vanuit je waarden, interesses en behoeften (Bateson, 1979). Je doet iets, omdat je het zelf wilt. De mate van intrinsieke motivatie hangt samen met drie basisbehoeften: autonomie, relatie en competentie. Wanneer één van die basisbehoeftes onvoldoend vervuld is, zorgt dit voor een belemmering van de intrinsieke motivatie. Vervulling van die drie behoeften betekent:

  • Bevestiging in autonomie laat je ervaren dat je van waarde bent. Je voelt je gewaardeerd als mens en voelt dat je invloed hebt op dat wat je doet. En dus ook op wat je niet doet. Het hebben van die keuze geeft bevestiging van wie je bent. Een positief zelfbeeld geeft zelfvertrouwen en is belangrijk om intrinsiek gemotiveerd te kunnen zijn.
  • Bevestiging in relatie laat je ervaren dat je gewaardeerd en gerespecteerd wordt. Het gevoel dat je ergens bij hoort en dat er naar je geluisterd wordt. Er is belangstelling voor je. Je voelt je veilig en geborgen bij de anderen. Anderzijds is het ook het vermogen om anderen te respecteren en te waarderen en vertrouwen te hebben in de mensen om je heen.
  • Bevestiging in competentie laat zien dat je iets kunt. En dat je vertrouwen mag hebben in je eigen kunnen. Wanneer je vaak ervaart dat iets niet lukt, geeft dat een gevoel van incompetentie en hulpeloosheid. Dat is ook zo wanneer je vaak iets doet dat eigenlijk te gemakkelijk voor je is en weinig uitdaging vraagt.

Met energie en plezier

Niet voldoen aan deze voorwaarden van intrinsieke motivatie, maakt dat je je bevlogenheid verliest. En daar zul je dus zelf mee aan het werk moeten. Dijksterhuis en Kollen schreven onlangs ‘Onderwijsvuur’ (uitgeverij Donald Suitman – Onderwijs van nu). De titel suggereert dat het boekje alleen van toepassing is op wie in het onderwijs met energie en plezier z’n werk wil blijven doen. Niets is echter minder waar. Als je een beetje door de voorbeelden heen leest, zie je dat de door hen aangereikte handvatten universeel toepasbaar zijn. In het kort komt hun aanpak neer op:

  1. Verbind je (opnieuw) met je oorspronkelijke inspiratiebron.
  2. Herleid je kwaliteiten en je valkuilen en ontdek welke beperkende overtuigingen je in de weg zitten.
  3. Laat ingesleten, ineffectief gedrag uit het verleden los.
  4. Wees jezelf, sta boven de rollen die je omgeving aan je opdringt.
  5. Durf je gevoel te volgen en daaraan consequenties te verbinden.

Aan de bak

Het boekje raakt de kern van wat positieve psychologie heet. Het kan een handvat zijn voor bewustwording en zelfhulp of, dat raden de auteurs aan, om een coach in de arm te nemen.
In elk geval geeft het een goed antwoord op de vraag of er van buitenaf of juist van binnenuit gesleuteld moet worden aan uitdovende bevlogenheid.

Recente blogs

Meer weten

Wil je meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact met me op voor een vrijblijvend gesprek.
Bel me op 0570 77 56 29.

Dit artikel verscheen ook op managersonline.nl

Vlammen zonder op te branden